HiFi Klubben

Skip to content
Lokale aanbiedingen Pak je korting op demo modellen, overtollige voorraad, uitlopende en refurbished producten! Bekijk ze hier

Muziek om verveling tegen te gaan

Wat hebben een popzangeres zoals Britney Spears, de jongens van Linkin’ Park en een singer-songwriter zoals Alanis Morissette met elkaar gemeen? Meer dan je denkt! Al hun hits volgen namelijk hetzelfde sjabloon – en ze stimuleren ons. Dus open je oren en ga met ons mee de muziekgeschiedenis in

Het duurt maximaal 17 seconden voordat het intro ophoudt en het eerste couplet begint. Binnen 1 minuut komt het refrein. Dan komt het tweede couplet dat meestal wat intenser is, met meer instrumenten of met een tweede stem. Nog een refrein. En dan een stukje dat anders is dan het couplet en refrein, namelijk de zogenoemde brug. Weer een refrein. En na minder dan 4 minuten gaat de muziek zachter en stopt de zang.

”Als we een goed popnummer horen, voelen we ons beter. Het geeft ons namelijk een soort balans: het prikkelt ons, maar tegelijkertijd klinkt het heel vertrouwd,’ - Henrik Marstal.

Hardrockfans denken waarschijnlijk dat hun muziek heel anders is dan die van Alanis Morissette en totaal anders dan die van Britney Spears. En omgekeerd. Maar hierboven hebben we zowel ‘In the End’ van Linkin’ Park, ‘Ironic’ van Alanis Morissette en ‘... Baby One More Time’ van Britney Spears beschreven. Het geluid en de teksten zijn uiteraard anders, maar het arrangement is hetzelfde.

Alanis Morissette - ”Ironic”, music video.

En dat is ook helemaal niet zo gek. Dit sjabloon verkoopt namelijk en maakt ons blij. Daar weet de Deense muziekwetenschapper, producer en componist Henrik Marstal alles over. Samen met muziekproducer en spelontwerper Morten Jaeger gaf hij in 2003 het boek ‘Hitskabelonen: Imod popmusikkens ensretning’ (Hitsjablonen: Tegen de eenvormigheid van de popmuziek) uit – waarin hij in de geschiedenis van onze pophits duikt en ze analyseert.

‘Een popnummer neemt ons serieus door al het overbodige weg te halen. Een seconde voordat we ons gaan vervelen, wordt er iets nieuws geïntroduceerd." - Henrik Marstal

henrikmarstal-hifiklubben-5_.jpg

”Als we een goed popnummer horen, voelen we ons beter. Het geeft ons namelijk een soort balans: het prikkelt ons, maar tegelijkertijd klinkt het heel vertrouwd,’ vertelt Henrik Marstal. Hij legt uit: ‘Een popnummer neemt ons serieus door al het overbodige weg te halen. Een seconde voordat we ons gaan vervelen, wordt er iets nieuws geïntroduceerd. In het rustige eerste couplet kunnen we kennismaken met de stem van de verteller. Daarna wordt de intensiteit opgebouwd, en met precies de juiste woorden en effecten wordt er een verhaal verteld. En ten slotte geven de brug en het laatste refrein ons de mogelijkheid om na te denken over wat we zojuist hebben gehoord. Heel slim, eigenlijk.”

Door een bos

Henrik Marstal ziet een pophit als een extreem bewerkt stukje muziek. Vaak ontstaat zo’n nummer heel spontaan. In een oefenruimte, als de band aan het jammen is en de zanger een tekst improviseert. In dit stadium is de muziek alsof je door een dichtbegroeid bos loopt. En dat kan ... maar als je een hit wilt maken, dan moet je het bos in kaart brengen, de takken snoeien, de mooiste plekken belichten en een route uittekenen om zo goed – en snel – mogelijk van de ene naar de andere kant te komen.

”Op een traditioneel bal wisselt iedereen de hele tijd van danspartner. Het is de eerste, voorzichtige stap van een onderbewust paringsritueel. Na drie of vier minuten weet je, of voel je of er een “match” is." - Henrik Marstal

Dat de resultaten tegenwoordig zo goed zijn, komt gewoon doordat het format heel goed werkt. Het werd in de jaren 1960 ontwikkeld door bands zoals The Beatles en The Supremes, en in de jaren 1970 geperfectioneerd door ABBA, AC/DC enzovoort. Vroeger waren popnummers veel gelijkmatiger – na een couplet volgde nog een couplet, totdat er een brug kwam, die werd opgevolgd door een laatste couplet. Maar in de jaren 1960 brak het refrein definitief door en was het niet meer weg te denken.

Maar waarom stopt de muziek na drie of vier minuten? Daar is eigenlijk een technische reden voor: op de oude lakplaten van vóór 1950 paste maar drie tot vier minuten muziek, en daar zijn we inmiddels aan gewend geraakt.

Maar Henrik Marstal heeft hierover nog een theorie ontwikkeld op basis van de volksmuziek:

‘Op een traditioneel bal wisselt iedereen de hele tijd van danspartner. Het is de eerste, voorzichtige stap van een onderbewust paringsritueel. Na drie of vier minuten weet je, of voel je of er een “match” is. Zo niet, dan ga je gewoon weer verder. Het orkest speelt een nieuw nummer en jij kiest een andere partner. Deze traditie bestond al lang voordat er muziek werd opgenomen, en dus heeft de lengte van onze popnummers misschien wel een biologische oorsprong,’ legt hij uit.

Zijn eigen favoriete hit komt echter uit een heel andere hoek: ‘Boys Don’t Cry’ van The Cure uit 1979:

”Dat nummer bevat alle klassieke elementen, maar toch schuurt het een beetje. Ten eerste heeft zanger Robert Smith geen stem die je direct koppelt aan een pophit. Ten tweede hoor je op de één of andere manier dat het nummer gemaakt is door een band die normaal gesproken heel andere muziek maakt. Ik vind het juist leuk dat het een beetje een parodie is, zonder dat het daarmee onoprecht is.”

Take a sad song …

Dit soort kleine variaties is heel belangrijk, aldus Marstal. Het sjabloon geeft weliswaar direct voldoening, maar het wordt ook wel een beetje saai als het nummer totaal geen eigen persoonlijkheid heeft. Of de regels niet een beetje breekt. Neem bijvoorbeeld ‘Hey Jude’ van The Beatles uit 1969: het begint met twee coupletten, daarna wordt de intensiteit opgevoerd – eerst met een tamboerijn, daarna met een koor. Dan komt het zogenoemde B-stuk, waar de intensiteit nog verder toeneemt door de toevoeging van drums. Maar het verlossende refrein blijft uit. In het derde couplet komen er steeds meer koorstemmen bij. Dan komt het B-stuk weer. Nog steeds geen refrein. De intensiteit wordt nog verder opgebouwd. En na 3 minuut en 22 seconden komt de zang eindelijk los. Niet in een refrein, maar via een C-stuk dat constant herhaald wordt. Een koor zingt ‘na-na-na ...’, McCartney schreeuwt erdoorheen en er komen blaasinstrumenten bij. En zo gaat het ongeveer 4 minuten door, tot het nummer afgelopen is. ‘Hey Jude’ was een gigantische nummer-één-hit in de VS, Groot-Brittannië, Duitsland en eigenlijk de hele westerse wereld.

”Omdat ze het nummer zo langzaam en geleidelijk opbouwen, voelt het als een bevrijding als het uiteindelijk losgaat. Daarom ook werkt het extreem lange outro. En omdat we zo gewend zijn aan de korte vorm, werkt het nummer nog beter. Als mens hebben we ook behoefte aan hits die ons de mogelijkheid bieden om het leven te vieren, en dat doet “Hey Jude” met die schitterende koorzang aan het einde,” - Henrik Marstal

We maken gebruik van koekjes, ook wel cookies, zodat je online kunt winkelen. We gebruiken ze ook om uit te vinden hoe onze website wordt gebruikt, zodat we onze site verder kunnen verbeteren. Door verder te gaan accepteer je deze cookies. Lees meer over cookies hier